‘Bevallen? Een hoofdje? Dat kón niet’

Menstruatiepijn, was haar eerste gedachte toen ze hevige buikkramp kreeg. Eva (25) kon er niet verder naast zitten. Want even later werden zij en haar vriend Mark (27) ouders van Anna (5 maanden). 

‘Mark en ik hadden een mooi toekomstbeeld voor ogen. Eerst mijn studie afmaken, dan een baan zoeken. Een leuk huisje kopen met een kinderkamer. Trouwen. En dan over een jaar of vier, vijf ons eerste kindje. Dat was het plan. We hadden het zelfs al over namen gehad: Anna vonden we allebei leuk.

Het liep anders.

Op een zondagavond in januari kreeg ik opeens pijn in mijn buik. Ik voelde me opgeblazen, had net die week gemenstrueerd dus dacht dat het daar een nasleep van was. Later begon ik ook te bloeden. Zie je wel, dacht ik, ik ben gewoon nog ongesteld. Het gebeurde wel vaker dat ik onregelmatig bloed verloor, dus dat was niet zo gek.

De hele avond lag ik op de bank. Toen ik naar bed verplaatste, werd het niet veel beter. Mark was lief, wilde een kruik voor me maken. Maar dat hoefde niet. Als ik maar in slaap kon vallen, dan zou alles goed komen. Dacht ik.

De pijn werd heviger. Urenlang lag ik te woelen, ik kon maar geen comfortabele houding vinden. Ik ging douchen in de hoop dat het warme water de buikkrampen wat zou verlichten. Maar ook dat hielp niet.

Om drie uur ’s nachts maakte ik Mark wakker. We moeten naar het ziekenhuis, zei ik. Daar kunnen ze me misschien een flinke pijnstiller geven, zodat ik tenminste kan slapen. Dat was het enige wat ik dacht: als ik maar kan slapen. Dan zien we morgen wel weer verder.

Mark belde de huisartsenpost. De dienstdoende huisarts hoorde ons verhaal aan en adviseerde me twee paracetamol te nemen. ‘Als over een uur de pijn nog niet weg is, bel dan maar even terug,’ zei ze.

Tien minuten later voelde ik opeens een enorme druk. Ik begon in paniek te raken: dit was geen menstruatiepijn meer. ‘Dit is niet goed,’ zei ik tegen Mark. Ik voelde dat mijn lichaam iets aan het doen was wat ik niet onder controle had. Ik werd bang, had geen idee wat er gebeurde. ‘Je moet even kijken daar beneden,’ zei ik.

Bleek en stil
Mark dook onder de lakens. Toen hij weer tevoorschijn kwam, was hij bleek en stil. ‘Wat is er nou?’ riep ik. ‘Zeg het dan!’

Maar Mark zei niets. Hij pakte zijn telefoon en belde de huisarts weer. ‘Jullie moeten nú een ambulance sturen,’ hoorde ik hem zeggen. ‘Mijn vriendin is aan het bevallen.’

Dat was de eerste keer dat ik hoorde wat er aan de hand was.

Er schoot van alles door me heen. Aan het bevallen? Dat kan niet, dacht ik. Ik kan niet eens zwanger zijn, ik ben gewoon aan de pil. Ik ben net nog ongesteld geweest!

Maar Mark wist het zeker: hij had een schedeltje gezien met haar. We gingen ervan uit dat het een miskraam was. Dat vertelde hij ook aan de huisarts.

Veel tijd om na te denken was er niet. De druk naar beneden werd heftiger. Via de telefoon vertelde de huisarts me wat ik moest doen. Puffen, zei ze.

Puffen? Ik had geen idee hoe dat moest. Ze deed het voor: pff, pff, pff. Het hielp niet. De druk naar beneden werd steeds groter. Ik moest het proberen tegen te houden, zei de huisarts. ‘Hoe dan?!’ riep ik uit. ‘Deze drang is zo immens, ik kan het niet onderdrukken.’

De bel ging, opeens stonden er twee ambulancebroeders in de kamer. Toen kon ik het eindelijk laten gaan. Binnen anderhalve minuut was de baby eruit, de ambulancebroeders hadden nog net hun handschoentjes aan kunnen trekken.

In shock
Eerst was het even helemaal stil. Toen, opeens, hoorden we gehuil. Gehuil? Het kindje leefde dus nog. Het kreeg ook een mooie roze kleur. De ambulancebroeders stonden er verbaasd naar te kijken.

‘Ze lijkt gewoon volgroeid,’ hoorde ik één van hen zeggen. Ze? Oké, het is dus een meisje, dacht ik.

Het was zo’n bizarre situatie, zo’n chaos. Niemand dacht eraan de tijd even te noteren. We weten dus niet precies hoe laat ze geboren is, maar we schatten tien voor vijf. Iemand zei: ‘Navelstreng.’ Oh ja, die moest ook nog worden doorgeknipt.

Een half uur na de bevalling kwam er een verloskundige binnen. Zij was uit haar bed gebeld door de huisarts. De baby werd op mijn buik gelegd, de verloskundige raadde ons aan foto’s te maken. ‘Dat voelt nu misschien een beetje gek,’ zei ze, ‘maar dat is belangrijk voor hierna, voor de verwerking.’

Op de foto’s, die ik later in een boek heb geplakt, zie ik eruit als een dear in the headlights. Grote ogen, totaal in shock. Ik besefte nog helemaal niet wat er was gebeurd.

Niets in huis
De verloskundige controleerde mij en de baby. We waren allebei helemaal gezond. Toch wilde ik per se naar het ziekenhuis. Ik maakte me zorgen, had negen maanden lang geleefd zoals ik altijd doe: ik had alcohol gedronken, intensief gesport, de kattenbak verschoond. Kerst en Oud en Nieuw waren net achter de rug: ik had carpaccio gegeten, sushi. Ik wilde zeker weten dat de baby niets mankeerde. Zelf begon ik alvast haar vingertjes en teentjes te tellen. Alles zat erop en eraan.

Mijn schoonmoeder kwam aan met een dekentje waar de baby in gewikkeld kon worden. Zij had ook alvast een paar kleertjes en babyspulletjes meegenomen van haar andere kleinkind, die ze nog thuis had liggen.

In het ziekenhuis kwam de kinderarts tot dezelfde conclusie: Anna, zoals we haar inmiddels hadden genoemd, was kerngezond. Ze woog 3200 gram en was 49 centimeter lang. Haar hartje klopte goed, ze had sterke longetjes. Dat was het moment dat we allebei in huilen uitbarstten. Alle ontlading kwam er in één keer uit. Want hoe onverwacht ook, het allerbelangrijkste is dat je kind gezond is. Dat voel je als kersverse ouders meteen.

Dezelfde dag nog kwam de dokter vertellen dat we weer naar huis mochten. Mark wilde dat liever niet. Hij vroeg of wij nog even in het ziekenhuis mochten blijven, zodat hij thuis alles in orde kon maken. We hadden immers niets in huis.

Samen met zijn zusje is hij naar Ikea gereden om een kinderbedje te kopen. Zijn stiefmoeder kocht hydrofiele luiers, spuugdoekjes en verzorgingsproducten. Ondertussen kwamen vrienden en kennissen tassen vol kleertjes en spullen brengen. Een oom is gekomen om de commode in elkaar te zetten en heeft ook wat extra planken in onze klerenkast gemaakt. Mijn moeder regelde de kraamzorg.

Mark grapt nog vaak dat hij niet snapt dat sommige mannen er negen maanden over doen om een kinderkamer te bouwen, want binnen een dag was alles geregeld. Ik vond het overweldigend om zoveel steun te krijgen van onze omgeving. En het hield niet op: in de weken na de bevalling bleven er maar dozen met kleertjes aankomen. Dat scheelde voor ons ook financieel een heleboel.

Skinny jeans
Hoe dit heeft kunnen gebeuren, is nog steeds een raadsel. Ik ben negen maanden lang gewoon ongesteld geworden. Aan mijn lijf was niets te zien. Ik ben lang en slank en heb tijdens de zwangerschap dezelfde kleren gedragen als altijd, ook skinnyjeans en strakke t-shirts. Mark zei achteraf wel dat hij merkte dat ik meer at. En ik heb een keer in bed gelegen met buikkrampen, wat later indalingsweeën bleken te zijn. Maar verder heb ik geen symptomen gehad.

De artsen denken dat Anna tegen mijn rug aan heeft gelegen en zich rustig hield. Dat moet wel, want ik heb haar nooit voelen schoppen. De eerste weken lag ze ook erg stil in haar bedje en huilde ze nauwelijks. Daar was ze waarschijnlijk aan gewend geraakt in de buik.

Ik heb gelukkig nooit vervelende reacties gehad. Maar ik kan me voorstellen dat mensen er wel wat van vinden. Als ik zelf dit verhaal zou horen, zou ik denken: hmm, wist je écht niets? Dat kan toch niet? Mark en ik hebben ook vaak genoeg lachend voor de televisie gezeten als we op TLC het programma I didn’t know I was pregnant keken. Je denkt dat het alleen naïeve, jonge meisjes zijn die dit overkomt.

Maar mensen die mij kennen, snappen meteen dat het echt kan: zwanger zijn zonder dat je het weet. Ik ben altijd goed voorbereid op alles. Het is niet zo dat ik het niet wilde weten en daardoor de zwangerschapssymptomen onderdrukte. Ik zou juist dolgelukkig zijn geweest als ik erachter was gekomen dat ik zwanger was. Het was niet hoe we het hadden gepland, maar Anna was hartstikke welkom geweest.

Ik vind het daarom ook ontzettend jammer dat ik de zwangerschap heb gemist. Het lijkt me fantastisch om mee te maken: de eerste echo, horen wat het geslacht is, je kindje voelen groeien in je buik. Ik heb geen enkele foto van mezelf als zwangere vrouw. Dat vind ik heel erg. Mark vond het zielig dat ik geen babyshower heb gekregen. Samen met zijn zusje heeft hij er alsnog een georganiseerd. Heel lief.

Genieten
Zodra Anna er was, zijn er vijf boeken voor mij in huis gehaald, zodat ik me een beetje kon inlezen. Ik had nog maar twee keer in mijn leven een baby vastgehouden, nog nooit een luier verschoond. Ik wist helemaal niets. Maar ik was eigenlijk vrij snel gewend. Mensen vragen wel eens of het zwaar is om onvoorbereid ouder te worden. Nee, want veel is biologisch bepaald. Zodra je je kindje in je armen hebt, nemen de hormonen het over en voel je alleen nog maar liefde. Dat zal iedere moeder herkennen.

Wat ik wel moeilijk vond, was de omschakeling van een heel actief en vrij leven naar op de bank zitten met een baby. Twee dagen voor de bevalling had ik nog een catering voor 500 man gedraaid, op de dag zelf was ik nog gaan roeien, en opeens zat ik thuis. Daar had ik me helemaal niet op voorbereid. Bij Mark was de knop sneller om. Hij zei: ‘We gaan dit gewoon doen met zijn tweetjes, samen komen we hier uit.’

We praten er veel over. Eén ding weet ik zeker: deze ervaring heeft onze relatie sterker gemaakt. We zijn echt naar elkaar toe gegroeid. Mijn opa overleed vlak voor de bevalling, ik heb het er erg moeilijk mee gehad dat ik hem niet heb kunnen vertellen dat hij overgrootvader werd. Mark heeft me daar enorm in gesteund. Hij was echt mijn rots in de branding, zonder hem had ik dit allemaal niet kunnen doen.

Mark werkt bij Defensie en is soms dagenlang niet thuis. Dat is wel eens moeilijk, want dan sta ik er helemaal alleen voor met Anna. Gelukkig doe ik sinds kort ook weer iets voor mezelf: ik ben weer begonnen met mijn studie en loop drie dagen per week stage in de organisatiepsychologie. Hierna hoef ik alleen nog maar mijn masterthesis te schrijven en dan ben ik afgestudeerd. Ik hoop daarna een goede baan te vinden. Naar een crèche gaat Anna nog niet: Mark en ik hebben allebei gescheiden en hertrouwde ouders, dus er zijn genoeg opa’s en oma’s die op haar willen passen.

Omdat ik deze ervaring heb gehad, zal ik voortaan regelmatig een zwangerschapstest doen. Maar ik ben niet bang dat het nog eens gebeurt. Over een paar jaar willen we graag een tweede kindje. Dan hoop ik de zwangerschap echt bewust mee te kunnen maken. Tot die tijd genieten we van Anna. Ze kwam onverwacht, maar is in een nest vol liefde terecht gekomen. We noemen haar ons kleine wondertje.’

Dit verhaal verscheen in september 2017 in Ouders van Nu. Bekijk hier het artikel in PDF.

Geef een reactie