‘Dat iets niet kan, daar hoef je bij mij niet mee aan te komen’

Wie wil ondernemen in de journalistiek, moet veel meer kunnen dan goed verslaggeven. Daarom kijken we in een nieuwe serie over de schutting bij ondernemers in andere sectoren. In aflevering 2: Jitse Groen, CEO van Takeaway.com (in Nederland Thuisbezorgd.nl).

Eén keer heeft Jitse Groen (39) overwogen om te stoppen. Het was in 2003, drie jaar nadat hij Thuisbezorgd.nl had opgericht. Groen werkte veertien uur per dag maar verdiende nauwelijks geld. Hoewel de website steeds meer klanten kreeg, was die nog niet winstgevend. Hij kon kiezen: teruggaan naar de collegebanken en zijn studie afmaken, waarna er misschien wel een mooie baan voor hem klaarlag bij Unilever of Philips. Of doorgaan. Hij koos voor het laatste.

Anno 2017 bedient de bestelsite voor eten, voor de markt buiten Nederland inmiddels omgedoopt tot Takeaway.com, naar eigen zeggen tien miljoen klanten in negen Europese landen en Vietnam. In 2016 ging het bedrijf naar de beurs en dit jaar werd Groen door zakenblad Quote uitgeroepen tot rijkste jonge miljonair van Nederland. “Ik wist dat ik een goed idee in handen had,” zegt hij over die onzekere periode in 2003. “Als ik keek naar de grote lijnen, moest ik concluderen dat we groeiden. De kans dat we kleiner zouden worden, was nihil. Daarom heb ik doorgezet.”

Het idee voor Thuisbezorgd.nl ontstond op een feestje. Groen en zijn familie hadden honger, maar de dichtstbijzijnde Chinees zat tien kilometer verderop en bezorgde niet in zijn Noord-Hollandse dorp. Op internet was behalve twee pizzabezorgdiensten in Amsterdam niet veel te vinden. De volgende dag registreerde Groen zijn domeinnaam. Hij kocht een boek, Programmeren voor Dummies, en ging aan de slag. Bij elk probleem dat hij tegenkwam, zocht hij uit hoe hij het moest oplossen. Zo bleken veel restaurants nog geen internet te hebben: zij moesten de bestelling van de consument toegestuurd krijgen met een fax. Dus bouwde Groen een faxserver.

Ook de marketingacties verzon hij zelf. “Ik had al snel door dat twee dingen heel belangrijk waren,” vertelt hij. “We moesten consumenten niet alleen vertellen dat ze eten konden bestellen, maar ook dat ze dat online konden doen. Het was de tijd vóór Facebook en smartphones. Internet speelde nog niet zo’n grote rol, het enige wat mensen deden was een beetje mailen. We moesten ze ervan overtuigen ons platform te gaan gebruiken. Nog steeds gaat het grootste deel van ons marketingbudget op aan het bereiken van nieuwe klanten. Als die eenmaal binnen zijn, gaan ze niet meer zo snel weg. Dan blijven ze bestellen.”

Dit artikel verscheen op 1 november 2017 op de website van het Stimuleringsfonds van de Journalistiek. Lees verder. 

Geef een reactie